Het Creatieproces

Als je de titel van dit artikel in ogenschouw neemt, zou je kunnen denken dat het over kunst gaat. Dit is echter niet het geval. De artikelen op deze website gaan voornamelijk over de diepere levensvragen en daar valt kunst buiten.

In mijn vorige artikel over bewustzijn heb ik proberen duidelijk te maken dat creatie alles te maken heeft met waarneming. Mocht je dat niet hebben gelezen dan zou je dat eigenlijk eerst moeten doen. Anders wordt het misschien wat lastig om dit artikel te kunnen volgen.

Maar ik doe, zoals altijd, mijn best om het zo simpel mogelijk te houden en dat is niet evident als het gaat om de essentie van het leven.

Alles bestaat bij de gratie van waarneming. Omdat nu wetenschappelijk is vast komen te staan dat niets kan bestaan zonder dat het wordt waargenomen (zie hiervoor het dubbele gleuf experiment) werpt dit een totaal ander licht op de wereld waarin we leven. Wil je hier een dieper inzicht in krijgen dan moet je deze videoreeks eens bekijken. Als je dat hebt gedaan dan denk ik niet dat je nog twijfels zult hebben over de aard van ons bestaan.

Het kan ook zijn dat, na die videoreeks bekeken te hebben, je er helemaal niets meer van begrijpt en dat de verwarring je om de oren slaat. Je kunt deze informatie ook simpelweg ontkennen en dan zal je er misschien toch niet echt wakker van liggen.

Ik zal nog eens in het kort uiteenzetten wat nu in de kwantumfysica als bewezen beschouwd wordt. Met het dubbele gleuf experiment is onomstotelijk vast komen te staan dat niets kan bestaan tenzij het eerst is waargenomen. Dit betekent niet noodzakelijkerwijs dat het door jou moet worden waargenomen om te kunnen bestaan. Maar er moet een eerste waarnemer zijn.

Het zou dan weer wel zo kunnen zijn dat wat jij niet waarneemt voor jou niet bestaat. We nemen tenslotte nooit iets op dezelfde manier waar. Daar komt bij dat onze waarnemingen door geloof kunnen worden gefilterd. Bruce Lipton maakt dit op een meesterlijke manier duidelijk aan het eind van deze YouTube video.

Als iemand zwaar ziek is en niet meer in beterschap geloofd terwijl er toch beterschap optreedt, zal dit vaak niet door die persoon worden opgemerkt. Als een ander dan wel verbetering opmerkt, zal dit vaak door de persoon in kwestie ontkend worden omdat er geen geloof in beterschap aanwezig is.

Moet je dan eerst geloven dat iets bestaat voor je kunt waarnemen dat het bestaat?

Het antwoord op deze vraag is niet simpel. Tenslotte lijken we van alles waar te nemen zonder dat we erin moeten geloven. En toch is het maar zeer de vraag of we iets kunnen waarnemen waarvan we niet geloven dat het bestaat. Als echter ons geloof aan het wankelen gebracht wordt blijken we ineens wel in staat iets waar te nemen waarvan we dachten dat het niet kon bestaan.

Nogmaals, volgens de kwantumfysica kan niets bestaan tenzij het wordt waargenomen. Er moet dus een eerste waarnemer zijn die door waarneming iets in bestaan brengt. Daarna kan dit door anderen, vermoedelijk op eenzelfde manier, worden waargenomen.

Maar hoe verloopt het waarnemingsproces dan eigenlijk?

Om dit enigszins te belichten moeten we eerst begrijpen hoe onze werkelijkheid wordt gecreëerd. Ik zeg met opzet “wordt gecreëerd” en niet “werd gecreëerd” of “zal worden gecreëerd”. Er is namelijk geen verleden of toekomst. Beiden bestaan voor eeuwig in het nu. En alles in verleden, heden en toekomst bestaat alleen door waarneming. Waarneming creëert dan alle vormen van bestaan in het nu.

Het bestaan wordt door waarneming gecreëerd uit een veld wat overal en door alles heen aanwezig is. Dit veld bestaat vermoedelijk uit een chaotische mix van golven die echter niet kunnen worden gemeten. Het is vermoedelijk een vorm van energie die geen deel uit maakt van creatie maar er wel de “bouwstenen” voor levert. Wetenschappers nemen dan ook aan dat onze werkelijkheid uit dit veld wordt opgebouwd.

De wetenschapjournalist Lynne McTaggart heeft in haar boek “The Field” alle belangrijke wetenschappelijke analyses van erkende wetenschappers, die de bron van het bestaan hebben bestudeerd, bij elkaar gebracht om zo tot een solide onderbouwing te komen van het bestaan van dit veld.

Het is een indrukwekkend boek en zeker de moeite waard om te lezen als je hier meer over te weten wilt komen.

Het creatieproces verloopt vermoedelijk als volgt.

We kunnen er maar best vanuit gaan dat alles begint met een gedachte. Een gedachte is een energetische fijnstoffelijke manifestatie die vanuit het veld wordt gecreëerd. Met fijnstoffelijk bedoel ik niet waarneembaar voor de zintuigen. We nemen onze gedachten niet via de zintuigen waar.

Er is vermoedelijk geen verschil tussen de manier waarop gedachten ontstaan en de manier waarop de stoffelijke wereld ontstaat. Het gebeurt beide door waarneming. Het begrip waarneming heeft dan, in deze context, een wat bredere betekenis. Waarneming impliceert dan ook creatie. Waarneming moeten we dan zien als creatie en tegelijkertijd het gewaar worden van die creatie.

We onderscheiden twee manieren van waarneming met name de fysieke en de psychische vorm. In de fysieke vorm neemt het lichaam met behulp van de zintuigen waar. Omdat alle creatie vanuit het veld wordt gecreëerd moeten de zintuigen wel een dubbele functie hebben. Een soort van zender /ontvanger functie. Dit houdt in dat onze zintuigen onze werkelijkheid eerst naar buiten toe projecteren om die vervolgens terug naar binnen te brengen en vast te leggen.

Het vastleggen van het waargenomene in het lichaam, gebeurt vermoedelijk op cellulair niveau. Door een wetenschappelijk experiment met, ik dacht, ratten werd ontdekt dat als je meer dan 90% van de hersenen wegsnijdt deze beesten nog altijd in staat waren om een bepaalde taak uit te voeren die ze voor de ingreep ook konden doen.

Dit heeft wetenschappers doen besluiten dat de registratie van ervaringen meer op cellulair niveau plaatsvinden. Het is echter ook zeer aannemelijk dat elke gedachte en elke ervaring ook in het veld wordt geregistreerd. Dit is dan ook de plaats waar alles wordt gecreëerd, als je al van een plaats kan spreken. Het veld is namelijk overal aanwezig en alles doordringend.

Bij de psychische vorm van waarneming wordt het overduidelijk dat er een waarnemer moet zijn die deelneemt aan het creatieproces. Als ik je vraag om te denken aan een roze olifant wat gebeurd er dan? Wie ziet die roze olifant dan voor zich. Jij toch? Maar wie ben jij dan? Je lichaam zag die olifant niet.

Jij zag die olifant. Jij zag het omdat je die rosse olifant vanuit het veld creëerde. En op het moment dat die creatie er was nam je die ook waar.

Als jij een roze olifant kan creëren en waarnemen dan moet jij ook wel een soort van zender-ontvanger zijn. Je zendt iets naar het veld (vermoedelijk een gedachte) en je ontvangt iets van het veld (een waarneming). Om met het veld interactief te kunnen zijn moet je wel iets zijn dat zich buiten het veld bevindt.

Creatie en waarneming zijn eigenlijk hetzelfde als bewustzijn. Bewustzijn is het creatieproces van alle zijn, doen en hebben dat zich in het nu afspeelt.

Misschien duizelt het je hier al maar als dit allemaal klopt dan kunnen we niet meer uitgaan van de stelling dat we bewustzijn zijn. Ik vrees dat dit voor vele denkers op dit terrein een brug te ver zal zijn. Alle Oosterse wijsheid is gebaseerd op het feit dat bewustzijn de bron is van het bestaan.

Ik gooi hier misschien wel wat teveel heilige huisjes om, maar toch meen ik te moeten vaststellen dat we ons buiten het creatieproces bevinden en dus buiten het bewustzijnsproces. Je kunt het woord bewustzijn ook zo definiëren dat het zich zowel binnen als buiten het creatieproces bevindt maar dat is niet echt logisch te noemen. Ik zal dit verder belichten in een volgend artikel dat zal gaan over de holografische werkelijkheid.

Als je mijn artikel over bewustzijn hebt gelezen dan weet je hoe ik het probleem van wie kijkt er naar de roze olifant heb opgelost. Of mijn verklaring juist is wil ik in het midden laten. Ik vind het een enigszins logische verklaring. Verder wil ik niet gaan.

Ik zal hier nog even in het kort proberen weer te geven wie we nu eigenlijk zijn, althans wat mijn visie hierover is.

Om dit enigszins inzichtelijk te maken wil ik eerst even opsommen wie we niet zijn. We zijn niet ons lichaam, ons denkvermogen, onze creaties of het veld waaruit onze creaties ontstaan.

Hiermee is alles gezegd. Buiten deze 4 elementen van het bestaan bestaat er helemaal niets. Wat zeg je nou? Je gaat me toch niet vertellen dat we zelf niet bestaan? Hoe kunnen we dan überhaupt iets creëren en dan ook nog waarnemen als we niet eens bestaan?

Het probleem met het woord bestaan is dat we ervan uitgaan dat het bestaan waarneembaar moet zijn. Als we ons daar aan vasthouden dan gaan we er niet uit geraken.

Wat nu als er iets kan bestaan wat buiten alle vormen van waarneming valt? En soort nietsheid met bepaalde kwaliteiten waardoor die nietsheid toch iets voorstelt.

Ik heb gekozen voor het begrip weten. Ik denk ontdekt te hebben dat “weten” een zeer mysterieus begrip is, althans de diepere betekenis ervan.

Natuurlijk is het zo dat het woord weten geassocieerd wordt met begrijpen. Maar begrijpen is deel van het creatieproces. Als je iets begrijpt dan heb je een geordende, samenhangende mentale beeldenreeks waar je mee kan denken.

Als je iets weet dan heb je al die gedachten erover niet meer nodig. Weten is dan iets dat zich aan het creatieproces onttrekt.

Weten wordt vaak als synoniem gezien met begrijpen. Je begrijpt hoe iets in elkaar steekt, dus weet je hoe het zit. Dat is niet wat ik bedoel met weten in deze context.

Weten, uit zich het beste in actie. Als je weet kun je iets doen zonder dat je moet denken of moet steunen op wat je geleerd hebt. Je begrijpt het zo goed dat de handelingen als vanzelf gaan. Er komt geen denken meer aan te pas.

Vanuit weten voltrekt het creatieproces zich zonder tussenkomst van het verleden of beschouwingen over de toekomst. Het gebeurt gewoon zonder dat er ondersteunende creaties (herinneringen, kennis) nodig zijn.

Volgens Bruce Lipton verlopen alle mentale en lichamelijke functies sowieso voor 95% automatisch en hebben we slechts 5% eigen inbreng.

Er zijn voor ieder mens een onwaarschijnlijk aantal patronen gevormd in het veld die alle lichamelijke en mentale functies aansturen. De klassieke wetenschap was ervan uitgegaan dat al die functies konden worden verklaard met de chemische reacties die in het lichaam plaatsvinden.

Dit is natuurlijk een absurd idee, maar men had gewoon geen andere verklaring hiervoor. Met de ontdekking van het veld is nu wel duidelijk geworden dat de aansturing van al die functies op een totaal andere manier verloopt.

Maar goed, het gaat mij hier om die 5% eigen inbreng. We kunnen invloed uitoefenen op zowel de mentale als de fysieke werkelijkheid maar die invloed is dus beperkt tot 5%.

En dat is maar goed ook want je moet er toch niet aan denken dat je hart ineens ophoudt met kloppen, omdat je vergeten bent om die goed af te stellen.

Ik ben de mening toegedaan dat weten onze ware aard is. Dit is natuurlijk helemaal niet interessant. Stel je voor dat je een spelletje doet en je weet alles al. Je weet precies wat je tegenstanders gaan doen en wat jij gaat doen en wat er als resultaat uit de bus komt. Zou je dat spel dan nog willen spelen. Ik denk van niet.

Zo kwam ik tot de conclusie dat het leven is ontstaan uit “niet weten”. Zodra je iets niet weet kan er een wens ontstaan om iets te weten te komen over dat wat je niet weet. En hoe kom je dat dan te weten? Door je er bewust van te worden. Of te wel, door waarneming. Bewustzijn ontstaat dan vanuit “niet weten”.

Als je echter alles weet moet je natuurlijk wel eerst jezelf wijs maken dat je iets niet weet. Als je echter begint te geloven dat je over iets iets niet weet dan is dat voor jou ook zo. Bewustzijn heeft de keuze om te willen weten of niet te willen weten. In het eerste geval verruimt het bewustzijn zich en in het tweede geval verminderd het bewustzijn. Het ontstaan van alles kan op deze manier enigszins worden verklaard.

Wat natuurlijk heel moeilijk, zo niet onmogelijk, is om te vatten is wie of wat niet weet. Wie of wat wordt zich door ‘niet weten’ bewust?

Ik ga ervan uit dat dit het weten zelf is dat zichzelf heeft ingepakt met niet weten en zo bewustzijn is geworden. Een deel van weten splits zich af van totaal weten en wordt bewustzijn om terug tot weten te komen. Ja, ik geef toe dat dit misschien absurd in je oren zal klinken maar toch blijft dit voor mij een aannemelijke conclusie.

Je kunt de waarnemer ook zien als de leegte of, zoals Ekhart Tolle het ziet, de stilte maar dat verklaart eigenlijk helemaal niets. Waarom zou de stilte of de leegte tot bewustzijn komen? Ik zie geen reden. Jij wel?

Dus mijn conclusie is dat onze ware aard te vinden is in weten en dat het leven is ontstaan uit ‘niet weten’.

De chaotisch aard van het veld lijkt dit wel enigszins te bevestigen. Als je een theorie weet die nog aannemelijker is dan deze dan hoor ik die graag.

In mijn volgend artikel wil ik de holografische aard van het bestaan belichten. Dit zou tot een nog beter begrip van het bestaan moeten leiden

Wil je reageren op dit artikel, alle goed bedoelde reacties zijn welkom.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.